Vier risico’s bij te weinig zicht op je apps
- Artikel
- Leestijd:
- Mobiele apparatuur
- Groeien
Malafide apps op mobile devices verzamelen grote hoeveelheden data. Dat betekent dat deze apps mogelijk ook toegang hebben tot gevoelige data van jouw organisatie. In dit artikel gaan we dieper in op de risico’s van het gebruik van malafide apps en laten we zien wat jij kunt doen om deze risico’s te beperken.
Achtergrond
Gebruik van applicaties (apps) op smartphones en andere slimme apparaten is onvermijdelijk. We doen dat voor allerlei zakelijke en persoonlijke doeleinden. Medewerkers hebben vaak een vrije keuze in welke applicaties geïnstalleerd worden, inclusief applicaties die niet direct nodig zijn voor de dagelijkse werkzaamheden.
Het is een uitdaging om zicht te houden op welke applicaties medewerkers installeren. Daarnaast vragen sommige apps om grote hoeveelheden permissies. Ook permissies die weinig te maken hebben de functie van de app. Een bekend voorbeeld zijn zaklamp-applicaties die toegang tot jouw locatie vragen. Door de grote hoeveelheid permissies die sommige apps krijgen, zijn deze in staat om grote hoeveelheden data te verzamelen. Deze ontwikkelingen kunnen negatieve gevolgen hebben voor jouw organisatie. Tot welke data heeft een applicatie toegang? Waar vloeit deze data naar toe? En wat gebeurt er buiten het zichtveld van de organisatie?
Door te beperken welk apps medewerkers kunnen installeren en de permissies die geïnstalleerde apps krijgen, verklein je de kans dat applicaties toegang verkrijgen tot gevoelige data.
In dit artikel gaan we eerste dieper in op risico’s als gevolg van onvoldoende grip op applicaties die worden geïnstalleerd op devices van jouw organisatie. Vervolgens introduceren we een aantal maatregelen die jouw organisatie kan nemen om het risico van misbruik in te perken.
Risico 1: Applicaties volgen het gedrag van gebruikers
Om inzicht te krijgen hoe gebruikers zich gedragen in applicaties, maken bedrijven gebruik van meerdere manieren om gedrag te meten en te volgen.
Met zogenaamde trackers wordt data verkregen die bijvoorbeeld ingezet wordt om bedrijven gerichter te laten adverteren. Maar deze gedragsdata wordt ook voor andere doeleinden ingezet, zoals netwerkanalyses of het verbeteren van bedrijfsalgoritmes. Kwaadwillenden gebruiken deze informatie voor verschillende doeleindes, zoals verfijnde phishingmails en andere social engineering technieken.
Veel applicaties bevatten één of meerdere trackers, soms loopt dit aantal flink op. Verder zijn de bedrijven die deze trackers beheren ook regelmatig buiten de Europese Unie gevestigd waar niet onze strikte privacyregels gelden.
Daarnaast is het in kaart brengen van de werking van trackers niet eenvoudig en zijn bedrijven vaak niet transparant over de precieze data die verzameld wordt. Dit maakt het controleren waar de data heen vloeit complex, zeker wanneer gebruikers een groot aantal verschillende applicaties gebruiken.
Risico 2: Dataverwerking gebeurt niet legitiem
Partijen die data uit applicaties verwerken moeten dit conform Europese privacywetgeving doen. De praktijk wijst uit dat het lastig is om de wetgeving te handhaven en dat er regelmatig overtredingen plaatsvinden.
Sommige bedrijven zijn onduidelijk over hoe de data verwerkt wordt. Dit maakt het lastig om de gebruikte algoritmes te doorgronden of audits uit te voeren op de dataverwerking van bedrijven die de applicaties beheren. Dit creëert een situatie waarin je organisatie niet in de positie is om te doorgronden of, hoe en welke van jouw data verwerkt wordt.
Risico 3: Applicaties delen data met derde partijen zoals buitenlandse overheden
Naast verwerking door bedrijven zelf, wordt data regelmatig gedeeld met derde partijen.
Hoewel deze partijen onder privacywetgeving vallen en zich aan dezelfde regels moeten houden als de hoofdverwerker, is het soms onduidelijk aan wie de data is doorgegeven. Het komt voor dat mobiele applicaties data delen met derde partijen waar de gebruiker geen weet van heeft. Delen van data met derde partijen en overheden maakt het voor organisaties complex om eigenaarschap over de data uit te oefenen. Datadeling kan plaatsvinden buiten het zichtveld van de organisatie en toegankelijk worden voor buitenlandse overheden.
Voorbeeld: Sommige buitenlandse overheden hebben wetgeving die bedrijven verplicht stelt om data met hen te delen wanneer hier om gevraagd wordt. Soms is de invloed van overheden nog groter wanneer deze overheden deels eigenaar blijken te zijn en daarmee directe invloed op het personeelsbestand van het bedrijf hebben.
Risico 4: Permissies van applicaties
Voordat applicaties data mogen verzamelen moet de gebruiker of organisatie eerst de permissies van de applicatie goedkeuren.
Applicaties vragen regelmatig om een grote hoeveelheid permissies voor gebruik van onder andere camera, microfoon, toegang tot contacten, locatiegegevens, en interne opslag. Deze lijst aan vereiste permissies is vaak meer dan wat er strikt noodzakelijk is voor het functioneren van de applicatie.
Een andere problematische ontwikkeling is de toename van in-app browsers. Hierdoor worden links geopend in een browser binnen de applicatie. Daardoor kan de applicatie met meer permissies acties uitvoeren die wellicht niet eerder zijn goedgekeurd of buiten het beveiligingsbeleid van de organisatie vallen. In het extreemste geval betekent dit zelfs dat de applicatie alle toetsaanslagen en handelingen kan monitoren die binnen de in-app browser worden uitgevoerd.
De combinatie van een groot aantal permissies en daarmee de mogelijkheid om ongewenste acties uit te voeren, maakt het belangrijk dat organisaties vooraf goed controleren welke permissies bij gebruikte applicaties worden gevraagd. Zo voorkom je dat applicaties op jouw beheerde mobiele apparaten ongewenste toegang krijgen tot (gevoelige) data.
Ook de gegevens van mensen en bedrijven die de applicatie niet gebruiken zijn voor bedrijven interessant
Wanneer je zelf geen gebruiker bent van een bepaalde applicatie, kunnen bedrijven toch shadow profiles opbouwen met jouw gegevens, door gebruik te maken van informatie waar de applicatie toegang toe heeft. Denk bijvoorbeeld aan contactgegevens in het adressenboek of informatie in berichtenverkeer. Zo kunnen gegevens van mensen en organisaties die de applicatie niet gebruiken toch in kaart worden gebracht met behulp van de applicatie. Datalekken bij de betreffende bedrijven die deze mobiele applicaties beheren kunnen zo verregaande gevolgen hebben voor zowel gebruikers als niet-gebruikers.
Wat kun je doen?
Hieronder geven we je enkele mogelijke opties om de hierboven beschreven risico’s te beperken.
Zorg voor overzicht van applicaties die in gebruik zijn
Om risico’s ten aanzien van applicaties te beperken is in eerste instantie overzicht van de applicaties die in gebruik zijn noodzakelijk. Alleen mensen en organisaties die voldoende overzicht hebben zijn in staat om een goede risico-afweging te maken. Wat levert gebruik van de applicatie mij of de organisatie op? Staat dit in verhouding met de risico’s die hieraan kleven?
De managementsoftware op door de organisatie beheerde apparaten biedt veelal geautomatiseerde mogelijkheden om dit overzicht te creëren. Bij zogeheten apparaten is dit veelal niet het geval.
Voorkom de installatie van ongewenste applicaties
Applicaties kunnen geen schade aanrichten als deze niet zijn geïnstalleerd. Er zijn twee invalshoeken om dit principe toe te passen: allowlisting en denylisting.
Allowlisting
Bij allowlisting staat de organisatie slechts goedgekeurde apps toe. Op door de organisatie beheerde apparaten kan dit beleid veelal technisch worden afgedwongen. Hierdoor voorkom je dat gebruikers ongewenste applicaties installeren.
Het nadeel van deze maatregel is dat allowlisting de vrijheid van medewerkers inperkt. Medewerkers kunnen alleen goedkeurde apps installeren. Als zij een app nodig hebben voor een werk die niet op de allowlist staat, dan kan deze niet worden geïnstalleerd. Dit kan negatieve impact hebben op de effectiviteit van medewerkers en vergroot de kans op .
Denylisting
Een andere methode is denylisting. Hierbij kunnen medewerkers alle applicaties installeren, met uitzondering van applicaties die als ongewenst zijn bestempeld. Deze applicaties komen op de denylist te staan. Ook dit beleid is veelal op door de organisatie beheerde apparaten technisch af te dwingen.
Het nadeel van denylisting als maatregel is dat bijhouden van de denylist een uitdaging is doordat er constant nieuwe applicaties verschijnen. Hierdoor is er een reële kans dat er ongewenste applicaties zijn die niet op de denylist staan.
Risicobeheersing
Het is mogelijk om de risico’s van geïnstalleerde ongewenste applicaties te beperken. Dit kan op verschillende manieren. Hieronder een tweetal opties.
Beperken van rechten
Door beperken van de rechten die een applicatie krijgt op een apparaat, zal deze in mindere mate in staat zijn gegevens te verzamelen. Er kleven ook nadelen aan deze maatregel. Zo wordt de functionaliteit van de applicatie mogelijk beperkt of functioneert deze geheel niet meer. Ook kan deze maatregel een vals gevoel van veiligheid geven als de applicatie nog altijd in staat is vertrouwelijke gegevens te verwerken.
Afschermen zakelijke applicaties
Een andere maatregel is het verplaatsten van de zakelijke applicaties naar een afgeschermd deel van het apparaat. Op deze manier kunnen zakelijke applicaties en gegevens worden beschermd tegen de applicaties die buiten het afgeschermde deel zijn geïnstalleerd. Dit is een veelgebruikte techniek bij BYOD en zakelijke apparaten die deels ook privé gebruikt mogen worden.
Mobile Device Management (MDM) en Mobile Application Management (MAM) tools bieden de mogelijkheid om de hierboven genoemde maatregelen of delen hiervan te implementeren.
Ben je geïnspireerd?
Ga aan de slag om grip te krijgen op applicaties op devices van jouw organisaties. Wil je hier meer over weten? Lees dan ook het artikel Geavanceerde informatie over het beveiligen van mobiele apparatuur voor meer informatie over het beveiligen van mobiele apparatuur.
Resultaten laden...